​Dammer Wouter Sipma: ‘Medailles geen doel op zich, wel bevestiging van mijn talent’

​Hijken - Hijken is niet vaak wereldnieuws, behalve als de ‘kanonnen’ van damclub Hijken DTC zich roeren. Roel Boomstra werd begin dit jaar in Assen wereldkampioen en plakte daar ruim een week geleden in Beilen de mondiale titel sneldammen aan vast. Zijn clubgenoot Wouter Sipma pakte het brons, zijn eerste WK-medaille bij de senioren.

En daar kwam zondag nog een Nederlandse titel sneldammen bij. ‘Een bevestiging van mijn talent op dit niveau.’

Wouter Sipma zag op 21 mei 1993 het levenslicht in het Martiniziekenhuis in Groningen, maar groeide op in Hijken. Hij voetbalde bij Hijker Boys, tenniste voor TC Smalhorst in Beilen en werd als 7-jarige tevens besmet met het dam-virus.

Denkvermogen en creativiteit

‘Wim Koopman, voorzitter van Damclub Hijken DTC, woonde een paar huizen verderop. Ik vond het al leuk om te puzzelen en het dammen beviel me goed. Ik kon daar mijn denkvermogen en creativiteit in kwijt. Een tactiek uitstippelen, mijn tegenstander te slim af zijn en in de val laten lopen. En dan dat euforische gevoel als de val dichtklapt. Maar hoe hoger het niveau, des te moeilijker het is om je tegenstander te verslaan. Lukt dat dan toch, is dat zó mooi.’

Jeugd

En met een knipoog naar de jeugd. ‘Ik weet dat bordspellen tegenwoordig veel concurrentie ondervinden van videogames. Maar dammen, en ook schaken, is goed voor het concentratievermogen en inzicht van kinderen. En als ik clinics geef, valt het me steeds weer op dat kinderen na een poosje totaal gefixeerd zijn op het dambord, op de volgende zet. Het kan de concurrentie met gamen dus best aan, haha. Als ik kinderen lekker aan het dammen krijg, ben ik al blij.’

Op een geven moment stortte Sipma zich volledig op het dammen bij Hijken DTC en ontmoette hij in 2002 Roel Boomstra uit Emmen. ‘Dat was tijdens het Drentse kampioenschap tot en met 10 jaar. We wonnen toen al veel wedstrijden.’

Vrienden

Boomstra kwam uit voor damclub Het Noorden in Groningen, maar maakte later de overstap naar Hijken DTC, omdat die club op het hoogte niveau acteert, de ereklasse. Tot op de dag van vandaag zijn beide grootmeesters de Hijker damclub trouw gebleven. Sipma, lachend: ‘Ja, we zijn vrienden. We zijn van dezelfde leeftijd, groeiden samen op in de damwereld en begonnen in hetzelfde jaar aan de studie natuurkunde in Groningen, waar we nu ook wonen. Ik heb mijn master in april behaald, Roel is nog bezig.’

Dat Boomstra zijn studie nog niet heeft afgerond, heeft volgens Sipma vooral te maken met het feit dat Boomstra heel veel tijd steekt in het dammen. ‘Roel heeft een ijzeren wil als het om dammen gaat. Steeds een stap hogerop willen, steeds meer kennis willen vergaren. Als Roel zich voorbereidt op een grote wedstrijd, besteedt hij wekelijks zo’n 40 uur aan dammen, zet zijn sociale leven op een laag pitje en ja, dat vertraagt dan ook zijn studie. Maar het leverde hem begin dit jaar wél de wereldtitel op.’

Droom, geen doel

Sipma houdt van dammen, maar ook van andere dingen. ‘Ik wil bijvoorbeeld ook wel eens naar een feestje. Kijk, toen ik jonger was, was wereldkampioen worden een droom, maar geen doel. Ik ben ook heel tevreden over het niveau waar ik nu op zit. Voor Roel was de wereldtitel een plan, dat hij uiteindelijk ook heeft uitgevoerd. Door met de computer duizenden partijen te analyseren en tegenstanders te bestuderen, gekoppeld aan een goede mentaliteit door bijvoorbeeld snel over tegenslagen heen te stappen. Naast het nodige talent is het dus vooral een kwestie van je kunnen focussen en heel hard werken.’

Het komt, gaat Sipma verder, wellicht ook door de stijl van dammen die Boomstra tot nu toe net iets verder heeft gebracht dan hem. ‘Roel damt stabiel, vanuit zijn kennis. Ik ben wat avontuurlijker, probeer tegenstanders met ongebruikelijke zetten te verrassen. Met het gevaar dat je wel eens teveel risico neemt. Maar die botsende speelstijlen leveren inderdaad wel interessante onderlinge partijen op.’

Secondant

Omdat beide grootmeesters elkaar zo goed kennen, was Sipma rond de jaarwisseling secondant van Boomstra tijdens de tweekamp om de wereldtitel met de Rus Alexander Schwarzman aan de andere kant van het bord. Na een slopende strijd heroverde Boomstra – die in 2016 voor het eerst wereldkampioen werd - in Assen zijn mondiale titel.

Sipma: ‘Mijn taak was dat Roel nergens anders aan hoefde te denken dan aan dammen. Ik regelde alles daar omheen, sparde met hem en was zijn klankbord, En door onze vriendschap vertelde hij me dingen die hij niet zo snel aan een ander zou vertellen. Zo kon Roel zijn hoofd echt helemaal leegmaken en zich met bondscoach Rob Clerk optimaal voorbereiden op een partij. En dat dat Roel uiteindelijk de titel heeft opgeleverd… Prachtig. Ik was heel blij voor hem en dat ik daarin een rol heb kunnen spelen.’

Succes smaakt naar meer

Zou Sipma niet eens zelf op het hoogste mondiale treetje willen staan? Hij zwijgt even. Dan: ‘Ik zou dan net als Roel die laatste stap moeten zetten en vraag me af of ik al die extra trainingsuren erin wil stoppen.’ De nationale titel sneldammen, die Sipma zaterdag veroverde in Beilen, zette hem echter aan het denken. Opgeteld bij die bronzen WK-medaille smaakt dat succes naar meer. ‘De bronzen medaille was mijn eerste internationale plak op topniveau bij de senioren. En de nationale titel sneldammen kwam als een verrassing, maar ik ben daar natuurlijk erg blij mee. Hoewel medailles en titels voor mij niet echt een doel op zich zijn, is het wél een bevestiging van mijn talent op dit niveau. En ja, misschien zit er nog wel meer in…’

Hoewel Sipma de titel ‘grootmeester’ draagt en tot de wereldtop behoort, is hij altijd met beide benen in de Drentse klei blijven staan. Vorige week was hij bijvoorbeeld ‘gewoon’ een van de organisatoren van de Damweek in Beilen. ‘Wim Koopman trok daar weer de kar en ik vroeg of ik ‘m kon helpen. De Damweek is een traditie die we in ere moeten houden en wellicht is het leuk het stokje ooit van Koopman over te nemen.’

Hijken

Die verbondenheid voelt Sipma ook nog steeds met Hijken. ‘Mijn ouders wonen daar, ik kom er nog vaak. Ik woon nu in Groningen en daar is altijd wat te doen. Leuk, maar na drie weken in de stad mis ik de rust en de natuur. Nee, ik zie me later nog niet permanent in een stad wonen.’

Tekst: Robbert Willemsen