‘Ik vind het geweldig dat ik gezinnen na een geboorte kan helpen’

Beilen - Een complete set kraamspullen is bij een geboorte in Nederland heel vanzelfsprekend. In veel andere landen echter niet. Vandaar dat de Stichting Baby Hope dit materiaal inzamelt op diverse locaties in het land en ervoor zorgt dat het terecht komt in Afrika, India, Zuid-Amerika en Oost-Europa. Martha Visscher, kraamverzorger bij Kraamcentrum Assen e.o., runt sinds kort het nieuwe verzamelpunt in haar woonplaats Beilen.

Beilen Stichting Baby Hope wil de verloskundige voorzieningen in buitenlandse ziekenhuizen verbeteren. Het aantal sterfgevallen onder pasgeborenen en kraamvrouwen is in veel landen hoog en dat cijfer wil de stichting terugdringen door het inzamelen van ongebruikte materialen uit Nederlandse kraampakketten.

Restant weggegooid

In de praktijk blijkt namelijk dat vaak maar een klein deel van het door de zorgverzekeraar beschikbaar gestelde kraampakket wordt gebruikt. Het restant wordt na verloop van tijd weggegooid, terwijl dit enorm goed gebruikt kan worden in landen waar een schrijnend tekort is aan steriele navelklemmen, verbanden, onderleggers, zeep en handschoenen, maar ook incontinentiemateriaal, spuiten, injectienaalden, urinekatheters, baby- en kinderkleding en babyartikelen.

Martha Visscher (60) weet als geen ander hoe belangrijk het is dat deze dingen voorhanden zijn. Na haar opleiding werkte zij eerst zes jaar als kraamverzorger, onderbrak haar loopbaan om voor haar eigen kinderen te zorgen en pakte eind 2008 de draad weer op. ‘Ja, dit vak is een roeping, niet zomaar een baantje. Kraamverzorger dat bén je. Ik vind het geweldig dat ik gezinnen na de geboorte van een kind kan helpen.’

Werkdruk

De kraamzorg staat in Nederland onder druk. Vanwege de matige financiële vergoeding die tegenover de onregelmatige werkuren staat, haken vooral veel jonge werknemers af en is er te weinig aanwas. En dat verhoogt weer de werkdruk voor de bestaande groep kraamverzorgers.

Vorig jaar bood de branche nog een petitie aan aan minister Bruno Bruins (Volksgezondheid, Welzijn en Sport), die door 6000 mensen was ondertekend. Met als doel de werkomstandigheden van kraamverzorgers te verbeteren om zo een tekort – en mogelijk het einde van deze sector in de zorg - te voorkomen.

Onmisbare schakel

Want kraamzorg, benadrukt Martha, is een onmisbare schakel voor het welzijn van een kind, moeder en gezin. ‘We doen veel meer dan alleen een beschuitje smeren en stofzuigen. Neem bijvoorbeeld borstvoeding. Hoewel er goede flesvoeding is in Nederland, is moedermelk heel belangrijk voor een kind. Maar niet bij alle moeders en baby’s gaat dat even gemakkelijk en dat kan bij beiden stress opleveren. Dan is het goed dat wij er zijn voor advies en om die stress weg te nemen. Maar ook in medische zin staan we meteen klaar om moeder en kind bij te kunnen staan.’

Je maakt, gaat Martha verder, een tijdje deel uit van een gezin. ‘Een kraamverzorger krijgt een kijkje achter de voordeur en krijgt daarmee ook zicht op een gezinssituatie. En soms kom je niet zo rooskleurige omstandigheden tegen. Ook dat kunnen wij signaleren en als het wenselijk is daar hulp bij zoeken. Al met al mag daar best wat meer waardering voor zijn.’

Prima voor elkaar

Maar Martha wil ook weer niet té veel klagen. ‘We hebben het in Nederland gewoon prima voor elkaar wat betreft middelen en hygiëne. Dat wordt nog eens duidelijk als je bent verbonden aan Stichting Baby Hope en inzicht krijgt in hoe het eraan toegaat in sommige andere landen. En dat ze daar – particulieren en ziekenhuizen – kraamspullen die wij hier overhouden heel goed kunnen gebruiken.’

Tekst: Robbert Willemsen