Wijn, fabels en feiten

Hoe lang moet wijn luchten? Wat is beter, een kurk of een schroefdop? Veel mensen denken wel wat van wijn te weten. Maar wat is feit en wat is fabel?

Een hardnekkig misverstand is dat de fles een uur voor consumptie geopend moet worden, zodat de wijn ‘alvast even kan luchten’ om zo lekkerder te worden. De hoeveelheid zuurstof die door de flessenhals komt is namelijk onvoldoende om de wijn tot leven te wekken. Wie wil zorgen dat wijn zich in het glas meteen al van zijn beste kant laat zien, schenkt de inhoud van de fles over in een karaf. Vooral jong en stevig rood knapt enorm op van zo’n ‘geforceerde’ zuurstofbehandeling. Denk dan bijvoorbeeld aan Cabernet Sauvignon of Syrah.

Wijnboeren gebruiken zwavel of sulfiet als conserveringsmiddel. Dat is ook toegestaan. Zo behoudt wijn zijn kleur en kan deze probleemloos de vaak lange reis doorstaan die hij voor de boeg heeft om daarna nog een tijd goed te blijven in de winkel. Biologische wijn mag niet meer dan de helft van de voor ‘gewone’ wijn toegestane hoeveelheid sulfiet bevatten.

Een goede kurkentrekker heeft een open spiraal waar een lucifer doorheen gestoken kan worden. Zo’n dichte - je komt ze vaak tegen in vakantiehuisjes - draait de kurk stuk. De klassieke kelnerhefboom kwijt zich het beste van zijn taak. Voordelig, doeltreffend en praktisch onverslijtbaar.

Bij steeds meer flessen is de echte kurk vervangen door een kunststof kurk. Ook de schroefdop is inmiddels vertrouwd. Kurk is een natuurproduct en is niet ongevoelig voor bacteriële infecties. Is dat het geval dan heeft de wijn ‘kurk;’ hij ruikt dan niet goed en smaakt evenmin lekker. Het is dus niet zo dat alleen de goedkopere wijnen een kunststof kurk of schroefdop hebben, zoals vroeger wel het geval was.

Zoute pinda’s zijn de doodsteek voor iedere wijn. Het vele zout en het vet zijn fataal voor de smaakbeleving van de drank. Olijven zijn ook lastpakken, maar blieven wel een heel droge sherry of rosé. Chips daarentegen blijken echte wijnliefhebbers.