Stolpersteine voor Joodse slachtoffers en verzetsmensen

Beilen/Drijber - Voor de tweede keer binnen een jaar heeft de Stichting Stolpersteine Beilen gedenkstenen voor de slachtoffers van de Nazi's gelegd, op het terrein van GGZ Drenthe in Beilen en voor de kerk in Drijber.

In het theatergebouw De Regenboog van GGZ Drenthe is voorafgaand aan de legging een bijeenkomst gehouden voor nabestaanden en genodigden.

Tien stolpersteine zijn voor Joodse patiënten van Beileroord. Zij werden in de nacht van 2 op 3 oktober 1942 uit Beileroord gehaald en via Kamp Westerbork naar vernietigingskampen getransporteerd waar zij vrijwel direct na aankomst werden vermoord. Ook worden stolpersteine gelegd voor vijf verzetsstrijders. Drie van hen werden samen met 48 verzetsstrijders en 4 joden in 1944 gefusilleerd bij het crematorium op het voormalig kamp Westerbork. Beileroord was gevestigd waar nu de GGZ zit.

Voor twee verzetsstrijders is een stolperstein voor de kerk in Drijber gelegd. Max Vroom, broer van verzetsman Jan Vroom, onthulde daar één van de stenen. Klaas Mijnheer onthulde de steen voor zijn vader, Jacob Mijnheer. Ook voor verzetsman Hendrik Wiegers is een stolperstein of 'struikelsteen' onthuld, op de plek waar hij woonde aan de Homanweg in Beilen. Zijn zoon Piet sprak een in memoriam uit.

Met de stolpersteine die vandaag gelegd zijn, is een derde van het aantal stenen in de gemeente Midden-Drenthe gerealiseerd.